Interview met Najib Amhali in de Marie Claire april 2006
Tekst: Phaedra Wekhoven
Najib Amhali kon kiezen: zijn vader in Marokko begraven
of afstuderen. Dat hij voor het laatste koos, is, voor wie hem goed kent, niet
verbazingwekkend. Een openhartig gesprek met de cabaretier die laveert
tussen traditie en eigenzinnigheid.
Najib Amhali (34) stormt binnen. We treffen elkaar in het kantoortje van zijn
management. Hij ploft neer in een stoel en vraagt of ik er bezwaar tegen heb
dat hij rookt. Nee hoor. Waarop hij het hele gesprek lang geen moment zonder
sigaret meer zit. De sympathieke Amhali werd vooral bekend als cabaretier, maar
is ook acteur. Vorig jaar speelde hij in de succesvolle film Shouf Shouf Habibi,
dit jaar staat hij tot eind april op de planken met The Godfather 4: Vendetta.
Sinds de première zorgt het stuk voor uitverkochte zalen. Een fijn gevoel
vindt Amhali.
Net als het feit dat hij eindelijk eens sámen speelt (cabaretgezelschap
De Ploeg bestaat uit een aantal cabaretiers, waaronder Viggo Waas en Peter Heerschop).
Dit is echt anders dan in je eentje voor een zaal staan. Tijdens mijn solovoorstellingen
voelde ik me vaak eenzaam als ik na afloop in de kleedkamer zat. Zo van: dit
is het dus, de showbizz. We waren met zijn drietjes, mijn technicus, mijn broertje
en ik. Na verloop van tijd zit je bij elkaar, maar lees je de krant. Je hebt
echt niets meer te melden. Nu, met De Ploeg is het zo levendig, er gebeurt altijd
iets. Ik heb weer veel stof voor mijn eigen show. Ik speel ook iets van negen
verschillende rollen, dat maakt het afwisselend.
Geëngageerd zou ik mezelf niet willen noemen. Mijn eigen shows zijn uit
mijn leven gegrepen, maar ik vind het wel belangrijk dat mensen vooral kunnen
lachen als ze geld hebben betaald. Ik ben in de eerste plaats een entertainer.
Natuurlijk gaat het altijd ergens over en als er een paar mensen op zo'n avond
positiever gaan denken over Marokkanen, heb ik een doel bereikt.
Ben je gelovig?
Ja, maar ik ben in mijn hele leven misschien twee keer in de moskee geweest.
Ik vind niet dat dat iets zegt over of je een goede moslim bent of niet. Ik
geloof op mijn manier. Mijn ouders gingen wel naar de moskee. Mijn moeder bidt
vijf keer per dag. Ik bid niet op die manier. Ik ken misschien één
vers uit de Koran. Vroeger moesten wij trouwens naar godsdienstles, terwijl
de rest van de klas handenarbeid had. Ik baalde daarvan, want ik vond handenarbeid
geweldig. Mijn ouders hadden er geen moeite mee dat ik niet meeging naar de
moskee. Ze voedden ons heel vrij op in die zin. We werden ook niet veroordeeld
door de Marokkaanse gemeenschap. En als ik er iets van merkte, trok ik me er
weinig van aan.
Najib Amhali groeide op in Krommenie. Hij kwam toen hij anderhalf was in het
kader van de gezinshereniging samen met zijn moeder naar Nederland. Zijn vader
woonde hier al als gastarbeider. Op de middelbare school was hij volgens eigen
zeggen een onrustig ventje. Wilde van alles, maar wist niet wat. Voelde zich
anders dan andere jongens, alleen al omdat zijn ouders amper geld hadden. Hij
verzon hele verhalen over wat zijn vader dan deed, omdat hij zich schaamde.
Ja, al mijn vriendjes droegen merkkleding, mijn moeder haalde onze kleren bij
de Turkenburg, zoals dat heette. Ik schaamde me kapot! Maar goed, mijn fantasie
was enorm. Dus zei ik dat mijn vader kapitein was of ik verzon een ander spannend
beroep. Toch wist ik toen al dat ik ooit op een podium zou staan, en dat mensen
om me zouden lachen.
Waar ik het vandaan had? Geen idee, ik had vertrouwen in mezelf dat ik er toch
wel zou komen. Ik keek naar Ruud Gullit en Frank Rijkaard. Heel bijzonder om
te zien dat je dus kennelijk ook als buitenlander in het Nederlands elftal kon
spelen. Nu zijn er voor Marokkanen meer voorbeelden en ik ken heel veel jongens
die het prima doen, die een goede baan hebben. Toch blijft altijd dat beeld
hangen van de mislukte Marokkaan. Dat heeft veel te maken met hoe de media omgaan
met berichtgeving. Aan de andere kant worden sommige Marokkanen, zoals Ali B,
door autochtone Nederlanders juist weer doodgeknuffeld, omdat ze het idee hebben
dat hij de Nederlanders begrijpt. Zelf ben ik een goed voorbeeld van een Marokkaan
die er, ondanks een nauwelijks Nederlands sprekende vader, toch is gekomen.
Najibs vader wilde graag dat hij een technische opleiding deed, dus begon hij aan een automonteuropleiding. Later volgde hij nog een koksopleiding en haalde net niet zijn middenstandsdiploma. Hij werkte overal en nergens, op de haven, deed laswerk, maakte schoon, eigenlijk heeft hij altijd gewerkt. Totdat hij een advertentie zag van de kunstacademie in Utrecht, waar je een acteursopleiding kon volgen. Die is hij gaan doen. Aanvankelijk dacht mijn moeder dat het weer een bevlieging was, maar toen ze merkte dat ik er toch iedere dag voor in de trein stapte, kreeg ze in de gaten dat het serieus was. Na zijn opleiding deed hij een tijd kindertheater, waar hij veel plezier aan beleefde, maar waar hij toch uitwilde, want «voor je het weet krijg je het stempel van de kindervriend. Hij deed mee aan het Leids Cabaretfestival in 1998 en won.Kwam er meteen zo'n producent op me af, dat ik maar moest bellen als ik een show wilde maken.
Je vader heeft je cabaretcarrière niet meer meegemaakt, hij
overleed toen jij 24 was. Wat deed dat met je?
Hij had een hartziekte en kreeg een hartstilstand. Je gaat de dingen
dan anders bekijken. Mijn vader wilde in Marokko begraven worden. Dat heeft
iets te maken met dat de Nederlandse graven na twintig jaar worden geruimd,
iets wat in Marokko niet gebeurt. En hij zag Marokko als zijn thuis. Zelf wil
ik trouwens gewoon hier in Nederland begraven worden. Als oudste zoon moest
ik alles regelen. Ik geloof dat er al meteen zo'n type van Monuta (uitvaartverzekering,
red.) op de stoep stond. Ik vond dat zo vreemd allemaal. Mijn vader heeft hier
opgebaard gelegen, omdat ook zijn Nederlandse vrienden afscheid van hem wilden
nemen. Ik heb hier afscheid van hem genomen. Ik trok het helemaal niet om daar
in Marokko met de daar heersende rouwcultuur mijn vader te moeten begraven.
Ik was gewoon een nuchtere jongen, opgegroeid in Nederland. En daar is het een
grote hysterie en gegil, als er iemand overlijdt. Het is zo expressief, ik kan
daar moeilijk mee omgaan. Iedere keer als je over de dode praat, begint er wel
weer een of andere tante te huilen. Bovendien moest ik afstuderen, er was een
project wat ik moest afronden. Dus ik kon kiezen, of mijn vader begraven of
afstuderen. Ik koos het laatste.
Het heeft toch ook iets moois, dat expressieve rouwen?
Jazeker. Maar wij hadden er niet veel mee. Natuurlijk hadden we verdriet,
maar 's avonds ging het voetbal aan en keken we daarnaar. Wij zijn niet van
die praters. Ja, toch macho's, denk ik. Nog steeds denk ik aan mijn vader, vooral
bij speciale gebeurtenissen. Dat hij er niet bij is. Vorig jaar werd ik gebeld
door een vriend van me die bij de politie werkt dat er een Amhali bij een steekpartij
betrokken was. Bleek het mijn broertje te zijn '; die was neergestoken door
een of andere gek! Ik ging naar het ziekenhuis met mijn moeder; stonden we daar
naar hem te kijken, terwijl hij met allemaal van die slangen aan zijn lijf lag.
Ik voelde me op dat moment alsof ik midden in een speel- E film zat. Sterker
nog, ik wist gewoon zeker: dit is een film, dit gebeurt mij niet echt. Vervolgens
hoorde ik mijn moeder nogal zwaar ademen. De arts kwam om te vertellen hoe het
met mijn broertje was en ik vroeg of hij niet ook even naar mijn moeder kon
kijken. Bleek ze van de schrik een licht hartinfarct te hebben! Die avond lagen
er ineens twee familieleden in het ziekenhuis. Dat was heftig.
Wat zijn voor jou belangrijke waarden die je hebt meegekregen?
Dat ik nooit moet oordelen over mensen. Dat deden mijn ouders nooit, en ik dus
ook niet. Ik denk dat mensen dan ook minder snel over jou oordelen. Bij ons
stond ook altijd de deur open, voor iedereen. Ik heb veel bewondering voor mijn
moeder, die na mijn vaders overlijden toch doorging en hier is gebleven. Mijn
moeder wilde in eerste instantie al helemaal niet naar Nederland komen. Ze heeft
een jaar lang heimwee gehad. Wat wil je, ze sprak de taal niet, ze kende niemand.
Daarom was het goed dat we in een dorp terechtkwamen, tussen de Nederlanders.
Zo gaandeweg heeft mijn moeder Nederlands geleerd, doordat er zo'n mevrouw kwam
waarmee ze koffie ging drinken. Ze wilde zich gewoon verstaanbaar kunnen maken.
Het ging eigenlijk vrij natuurlijk, niet zoals tegewoordig, dat je op een
wachtlijst moet om Nederlandse les te krijgen of dat je een inburgeringcursus
moet volgen.
Veel van jouw leven zit letterlijk in de film Shouf Shouf Habibi
lnderdaad. Ik heb het ze ook gevraagd: 'Goh, hebben jullie mij misschien
gebruikt als inspiratiebron?' Het stukje van die vader en zoon die een gesprek
bij de leraar hebben, en waar de zoon een compleet verkeerde vertaling aan zijn
vader geeft van wat die leraar zegt, komt letterlijk uit mijn eerste show. Zelf
heb ik dat ook ooit gedaan, ik denk dat iedere Marokkaan dat herkent.
Vinden jouw familie en je Marokkaanse vriendenkring jouw grappen eigenlijk
leuk?
De meeste wel. Sommigen vinden het minder dat ik de spot drijf met
Marokkanen. Maar daar trek ik me niet veel van aan. Mijn moeder is heel trots,
die knipt alles uit wat er over mij verschijnt. Ze ziet het als eerste als ik
ergens in sta.
Wil je zelf vader worden?
We hebben het er al over thuis! Maar ik zal een andere vader worden dan de mijne.
Ik wil er voor mijn kind zijn, ook als er huiswerk wordt gemaakt, ook als er
iets niet begrepen wordt, maar ook voor het zorgen. Mijn kinderen zullen weten
wie ik ben. Mijn vader was vaak weg. Hij sprak slecht Nederlands en kon ons
ook niet echt helpen als we iets niet begrepen. Mijn vader hield van Marokko
en was hier in Nederland best ongelukkig.Vooral toen hij niet meer mocht werken.
Jouw hart ligt niet in Marokko?
Nee, ik spreek alleen Berbers, geen Arabisch. Als ik daar ben, is het bijzonder
mijn familie weer te zien en te beseffen dat je op ze lijkt. Dat heeft wel wat.
Maar ik heb hier mijn leven opgebouwd. Wat me altijd weer opvalt in Marokko
is dat de mensen daar zoveel vrijer zijn dan de Marokkanen hier. Djellaba's,
hoofddoeken, ik zie ze daar amper, maar wel bij mij om de hoek. Ik heb
ook het idee dat de hoofddoek in Nederland een beeje zijn doel voorbij
schiet. Het gaat erom dat vrouwen er niet lustopwekkend uitzien, terwijl je
juist in Nederland vrouwen met een hoofddoek ziet, die er, naar verhouding,
heel sexy kleding bij dragen.
Je bent al vijf jaar getrouwd met een Marokkaanse vrouw?
Ja, maar dat is niet bewust. Ik had nog nooit eerder een Marokkaanse
vriendin gehad eigenlijk Het was meer alles wat er voorbijkwam. Haha! Leuke
Marokkaanse vrouwen kwam ik niet tegen. Het gekke is dat ik haar op een van
mijn shows ontmoette. Ik dacht dat ze Israëlische was. Ze was al drie keer
geweest, en ik schijn haar alle drie de keren te hebben aangesproken, of
zij mij. Ze zat een keer op de eerste rij bij ToomIer, nou dan word je aangepakt,
dat weet je. Ze zat er met haar vriend, dacht ik Bleek later haar broer te zijn.
Maar goed, ik had haar nogal afgezeken. De derde keer sprak ze me aan en zei
dat ik toen best lullige omerkingen had gemaakt. Daarna vroeg ze of ik
meeging iets drinken. Nou, dat vond ik behoorlijk direct.
En van het één...
Precies. Zij is, net als ik kind van een gastarbeidersgezin. In die
zin hebben we veel gemeen. Ze werkt in een Blijf van mijn lijf-huis. We hadden
eigenlijk allebei helemaal niets met trouwen. Toch zijn we gezwicht, omdat haar
ouders het niet heel erg oké vonden dat we 'zomaar' gingen samenwonen.
Ook mijn moeder vond het fijn dat ik ging trouwen. We hebben het wel op onze
manier gedaan. Met veel vrienden en geen traditionele bruiloft. Normaal gesproken
zijn de mannen en vrouwen dan gescheiden, maar dat wilden we niet. We hebben
alleen tijdens het diner de mannen en vrouwen apart gehouden, maar daarna was
het feest. Degenen die dat niet wilden, hoefden voor mij niet te komen.Weer
steekt Amhali een sigaret op. Hij giet twee zakjes suiker in zijn koffie en
neemt een slok Ben je niet bang dat je zelf ook iets aan je hart hebt,
eigenlijk? Ja natuurlijk. Hij blaast de rook uit en drukt subiet de
sigaret weer uit. Mijn moeder zegt ook steeds dat ik me moet laten onderzoeken.
En thuis mag ik niet meer roken. Maar ja, kennelijk moet er eerst iets gebeuren
voor ik dat doe. Hij springt op, moet er weer vandoor. Naar Leeuwarden, een
uitverkochte zaal.
VENDETTA IS TOT EN MET 17 APRIL TE ZIEN. SPEELLIJST: WWW.BOSTHEATERPRODUCTIES.NL
Over Najib:
Jamal Amhali broer:
Ik vond het een heel open interview. Als je googelt op Najib, zie je dat hij
meestal hetzelfde vertelt. Er worden hem gewoon altijd dezeflde oppervlakkige
vragen gesteld. Wat dat betreft is het heel leuk om eindelijk eens een interview
met mijn broer te lezen waarvan ik denk: ja dat is hem helemaal. Ik vond het
ook best opvallend dat hij veel persoonlijke dingen heeft gezegd, onder andere
dat drama met mijn broertje en moeder in het ziekenhuis.
Mimoun Ouled Radi vriend:
Ik heb dit interview in een ruk uitgelezen. Ik vond het heel mooi en emotioneel
om te lezen hoe Najib praat over zijn vader, broertjes en zijn moeder. Dat raakte
mij echt. Heel bijzonder ook dat hij dit verteld heeft. Het is voor het eerst
in zijn leven dat hij praat over zijn emoties in een interview. Dit is duidelijk
de andere kant van de komiek Amhali. Oh, en ik kan je vertellen zijn moeder
is ook een topvrouw. Hij kan echt over alles met haar praten.
Peter Rijsewijk manager:
Ik schrok nogal van dit interview. Kennelijk heeft Najib zich erg op zijn gemak
gevoeld. Hij is normaal gesproken erg gesloten. Als manger ben ik erg bang dat
ziijn openheid hem kan schaden. Er zullen wel weer mensen zeggen: "Hoe
kan Najib een voorbeeld zijn voor jonge Marokkanen als hij zeld nooit naar de
moskee gaat." Verder zag ik helemaal de Najib zoals ik hem ken. Hij is
nu eenmaal geen preacher man maar een entertainer inderdaad. Ook in het dagelijks
leven is hij iemand die iedereen aan het lachen kan maken.