Interview Met Najib Amhali voor de Fansite
Tekst: Judith Janse
Foto: Patrick Deters

Op maandag 6 februari was het dan zover; het eerste interview met Najib Amhali voor de fansite. Spannend, want het was tegelijkertijd ook mijn allereerste interview ooit. Dat maakte het gesprek er natuurlijk niet minder leuk om! Najib is aangenaam gezelschap en bovendien een hele gezellige prater, dus ik zou zeggen: veel leesplezier!

Welke eigenschappen moet een goede cabaretier hebben?
Hij moet een eigen identiteit/persoonlijkheid hebben, dat maakt iedere cabaretier zo uniek en anders. Hij of zij moet een eigen stijl hebben, als ik een heleboel mensen dezelfde grappen hoor maken dan denk ik: “ Dat ken ik nu wel”.

Wie vind je echt goed?
Ja, wie vind ik echt goed? Theo Maassen vind ik nog steeds heel erg goed, want hij is inhoudelijk erg sterk. Hans Teeuwen vind ik weer sterk om zijn gekkigheid. Hans Sibbel heb ik ook gezien. Hij heeft een heleboel dingen waar je over na moet denken. Je gaat wel keihard lachen, maar je gaat er ook over nadenken. Hij heeft daar echt werk van gemaakt en onderzoek naar gedaan. Dat vind ik erg knap.

Ooit heb je de beslissing genomen om cabaretier/stand-up comedian te worden. Wat precies sprak je toen het meeste aan?
Wat mij het meest aansprak, was dat je het allemaal zelf mag invullen. Je hebt een spanningsboog van 10 minuten. Je komt op, de mensen lachen en op je hoogtepunt verlaat je het podium weer. Die snelheid sprak me erg aan. Je laat een bepaalde indruk achter in 10 minuten.

Had je verwacht dat je zoveel jaar later een eigen show zou gaan maken?

Ik had toentertijd nooit gedacht dat ik een hele show zou gaan maken. Ik kende cabaret eigenlijk niet zo, alleen van televisie; die conferences met een liedje en een piano, maar toen zag ik dat Hans Teeuwen en Theo Maassen ook met een voorstelling kwamen. Zij lapten de regels aan hun laars en vertelden gewoon waar ze zin in hadden. Dat vond ik een leuke manier om een voorstelling te maken en op die manier wilde ik wél heel graag een eigen voorstelling maken.

Als iemand aan jou vertelt dat hij of zij ook graag cabaretier wil worden en jou om advies vraagt. Wat voor advies geef je hem of haar dan?

Niet doen, ga een echte baan zoeken, nee… geintje natuurlijk. Het hangt er ook vanaf of iemand er aanleg en talent voor heeft en wat wil diegene ermee? Wil je het gewoon als hobby of wil je er echt je werk van maken? Iets moet je bezielen om op het podium te gaan staan, je gaat er niet zomaar staan. Wil je graag de aandacht, wil je graag iets vertellen of denk je dat je erg grappig bent? Dus ik vraag meestal wat ze er nu precies mee willen. Soms zeggen ze : “Ik wil een grote show ”, maar dan zeg ik ze dat ze toch echt klein zullen moeten beginnen. Wéés maar eens grappig, ga er maar eens staan. Als ik ze daarna spreek, zeggen ze soms: “Dat doe ik nooit meer.” en “ik wist niet wat ik moest vertellen.” Ja, je moet natuurlijk wel iets te vertellen hebben…..

Most Wanted is je 4e solovoorstelling, welk programma heeft het meeste voorbereiding gekost?
Tot nu toe… ik denk de laatste, daar had ik al wel veel voor gedaan. Voor de eerste try-out van Most Wanted had ik 2 uur materiaal. Er zaten allemaal acts in die nooit zijn doorgegaan. Ik kookte op het podium en deed een soort tour door Amsterdam, maar dat is er allemaal uit. Ik had een heleboel materiaal omdat ik bang was dat ik in de eerste try-out zou beginnen met maar een half uur voorstelling en dan de rest zou moeten improviseren, wat bij de eerste try-out van Freefight gebeurde. Ik wilde veel materiaal hebben zodat ik daarin kon gaan schrappen.

Als je uit al je voorstellingen één favoriete scène mocht kiezen, welke zou dat dan zijn?
Dingen die ik erg leuk vond om te doen was bijvoorbeeld de Fabeltjeskrant. Ik vond het erg leuk om die stemmetjes te doen. Het muzikale, op die ritmebox, vond ik ook erg leuk om te doen. Dat was altijd zo’n moment in de voorstelling van: “Straks mag ik op die box gaan trommelen”. Het muzikale spreekt me erg aan, dan kan ik even iets anders doen dan vertellen. Je hebt dan even een soort van rust.

In je voorstellingen betrek je het publiek er ook bij. Wat is het meest onverwachte wat er tijdens een voorstelling is gebeurd?
Kijk, als mensen een huwelijksaanzoek willen doen dat weet je van tevoren, dan is daar contact over geweest. Dan schrijven ze dat ze een heel origineel idee hebben, maar ik heb het al 3 of 4 keer gedaan.
Er was een keer een jongen vreselijk misselijk uit de zaal gelopen. Toen hij weg liep zei ik : “Waar ga je naartoe?” En boink daar ging hij, viel zo voorover. Ik zei nog tegen de zaal: “Dit hoort er niet bij”, maar iedereen ging toch lachen. Toen ben ik naar die jongen toe gegaan en het bleek dat hij nogal een kater had.

De meeste mensen kennen je als cabaretier, maar je hebt ook de kindervoorstelling ‘Krekel en Mier’gespeeld. Hoe was dat?
Heel erg leuk, maar ook wel anders. Kindervoorstellingen beginnen vaak om 10:00 uur ‘s ochtends, of zijn op woensdagmiddag; Sta je in een gymzaal, waar het dan ruikt naar het zweet van de gymschoenen (lacht). Het vroege opstaan was voor mij wel een omslag. Wij ( Jeffrey Spalburg en ik ) hebben de voorstelling in heel Nederland en ook in België gespeeld. Kinderen zijn gewoon heel erg eerlijk. Als je iets speelt en ze zien het bijvoorbeeld niet goed, dan roepen ze dat gewoon, maar het was wel erg leuk. Als je die kleine kinderen bezig kan houden en ze zitten echt in het verhaal, dan is het heel dankbaar publiek. Dan komen ze ook na afloop naar je toe.
Wij hadden zo’n blokkendoos op het podium en daar mochten ze dan aan zitten, kwamen ze na afloop gezellig allemaal het podium op. Maar omdat ze eerlijk zijn, kunnen ze ook heel hard zijn. Vinden ze het niet leuk… dan gaan ze huilen

Dat heb je hopelijk niet vaak meegemaakt?
Het gebeurde wel eens.
Wat wel grappig was is dat we op plekken speelden waar ze waarschijnlijk nog nooit een neger hadden gezien. Jeffrey is Surinaams en dan kwamen we op een gegeven moment allebei om de beurt uit zo’n kist. Als hij er dan uit kwam dan zag je het gezicht van het kind betrekken (maakt huilgeluid) dat dan begon te huilen (lacht). Dan zei ik heel zachtjes tegen Jeffrey: “Ja, hij is bang voor je.” (lacht).

Naast cabaretier ben je ook acteur. Je hebt in verscheidene films uiteenlopende rollen gespeeld. Zo was je politieagent in Shouf Shouf Habibi! en in Jezus is een Palestijn speelde je de Mesias. Welke rol vond je het leukste om te spelen?
Ik denk die laatste wel ja. Dat was leuk met verkleden, ook al duurde dat opmaken 3 uur. Dat was een hele gekke rol, ik speelde een apart personage.
Er zit een passage in die film waarin ik met een bebloed hoofd op het dak sta. Achter me had ik een pompje voor dat bloed, maar het was ‘s nachts en het vroor. Dus dat bloed moest op mijn gezicht, maar het was aan het vriezen, dus dat deed zeer. Moest de scène weer opnieuw, alles weer helemaal schoonmaken. Ik was echt bezig in die film en dat was erg leuk.

Welke rol zou je nog graag willen spelen?
Ook iets waarin ik helemaal een metamorfose onderga, helemaal onherkenbaar. Als vrouw of neger bijvoorbeeld, in ieder geval niet als mezelf.

Krijg je veel filmaanbiedingen?

Er worden niet heel veel films in Nederland gemaakt. Het is niet dat ik dagelijks word gebeld (lacht). Ze denken ook vaak dat ik het te druk heb. Als ik een auditie doe vraag ik wel altijd van te voren of ze al weten wat ze zoeken. Niet dat je een auditieruimte binnenkomt met heel veel verschillende types. Dan kom ik liever terug als ze weten wat ze zoeken.

Hoe ziet een werkdag er voor je uit?
Een werkdag… Nou, heel vroeg op, rond een uur of elf, soms nog vroeger half elf (lacht). Nee, even denken, ik heb eigenlijk elke dag wel iets.
Een werkdag begint meestal rond tienen, want ik lig er natuurlijk vaak laat in. Dan ga ik douchen, koffie drinken, krant lezen. Dan zet ik de computer aan, en kijk ik meestal in mijn gastenboek en even op de fansite. Als ik een afspraak heb voordat ik op moet treden dan ga ik naar kantoor, daar signeer ik wat. Vervolgens is er dus die bespreking of een interview en daarna haal ik rond drie uur Marisa en Lies op (collega’s van De Ploeg).
Dan rijden we naar het theater, daar zijn we dan meestal rond een uur of vijf en gaan we eten. Na het eten soundchecken en daarna spelen we de voorstelling. Die is rond tien uur afgelopen, even douchen en wat drinken en om twaalf uur gaan we meestal weer naar huis. Dan kan ik niet gelijk slapen, ik eet wat en ga tv kijken. En rond een uur of drie ga ik naar bed.

Wat maakt je gelukkig?
Ja, een beetje de cliché dingen. Gezondheid en geluk, dat er niks is in de familie gebeurd. Dat soort dingen, dat je je daar niet druk over hoeft te maken. In je werk gaat het toch het beste als alles eromheen ook goed zit.

Via de fansite mochten fans een vraag inzenden, daaruit is Rosalie als winnaar gekozen. Zij wilde graag de volgende vraag aan je stellen: Als het podium waarop je staat kan praten, wat zou het dan over jou zeggen?
(lacht) Hé, doe jij eens wat beter je best jongen! Nee, waarschijnlijk zou het podium zeggen: “Gebruik mij meer”, omdat ik toch beperkt ben tot een bepaald deel van het podium. Dat is meestal vooraan, zodat de mensen mij goed kunnen zien. Met het typetje wat ik in Most Wanted doe, loop ik meer heen en weer en gebruik ik dus het hele podium. Dus ik denk dat het podium zou zeggen dat ik het meer moet gebruiken.

Tot slot nog een dilemma: Vorig seizoen werd in het programma ‘Wie is de Mol’ het volgende dilemma aan Marc-Marie Huijbregts voorgelegd: Je krijgt een hele hoop geld, genoeg om nooit meer te hoeven werken. Maar dan mag je nooit meer optreden. Hij koos voor het geld, wat zou jij doen?
Ik verdien er mijn geld mee en vind het leuk om te doen, maar ik weet niet als ik nooit meer hoefde te werken of ik dat ook echt zou willen. Ik doe het niet alleen voor het geld. Ik ben blij dat ik er genoeg geld mee verdien, maar het is niet zo dat -als ik een paar miljoen op de bank zou hebben - ik dan het podium niet op zou hoeven.
Dus ik kies voor het podium…

Terug naar Interviews