Interview met Najib Amhali in De Morgen
tekst: Liv Laveyne

De Nar van de koning - interview Najib Amhali

Nederlands comedian Najib Amhali over stugge Vlamingen en grove Hollanders

Hij komt het podium op: "Ne goên oavond, Roeseloare. Ik ben Najib Amhali, maar wie wil mag ook Luc zeggen." Het ijs is meteen gebroken want een Nederlandse Marokkaan die ook nog een mondje Zuid-Westvlaams spreekt, dat is pas integratie.
Amhali, acteur en gevierd stand-up comedian, toert met een best of van zijn drie cabaretvoorstellingen voor het eerst door het Vlaamse land. "Ik hoorde van Nederlandse collega-cabaretiers dat de Zuiderburen een lastig publiek waren, maar toen ik optrad tijdens de 'Nacht van de Ramadan' in Berchem bleken jullie best mee te vallen."

Waarom laten veel Nederlandse cabaretiers Vlaanderen liever links liggen?
Amhali: Nederland heeft een lange cabarettraditie die België nog niet heeft. De mentaliteit is hier ook anders. Ik merkte dat vooral toen ik kindertheater bracht. Toen we in Nederland 'Krekel en de Mier' (1994) speelden, stormden de kleuters chaotisch naar het podium terwijl de juf constant moest zeggen 'niet doen, afblijven'. In Vlaanderen kwamen de kinderen netjes binnen, in het gareel, met allemaal hetzelfde pakje aan. Juf zei: 'Nu stil zijn.' En het was muisstil."
"Dat is de reden waarom Nederlandse cabaretiers België ontzien. Of dat is toch wat ik opvang: 'De Vlaming is stug en luistert liever dan te participeren.' Maar de laatste tijd zie ik wel de Vlamingen de prijzen wegkapen op Nederlandse cabaretfestivals. Terecht: de Nederlander haalt graag het grove geschut boven, terwijl de Vlaming bezig is met taal, poëzie en woordspelingen."

In hoeverre pas je jouw humor aan het Vlaamse publiek aan?
Amhali: "Het hele gedoe met de Surinaamse bondscoach Frank Rijkaard heb ik geknipt. Hier kennen jullie ook wel Surinamers, maar bij ons zijn die echt een begrip. (Opeens weifelend) Jullie kennen toch Sinterklaas? Met twee Zwarte Pieten? Oef, dat kan ik er in laten."

"Weet je wat de sfeer vaak ten goede komt? Niet in om het even welk dorp of stadje 'Hallo Oeteldonk' roepen, maar gewoon even inpikken op het lokale accent. Tijdens de repetities luister ik de technici van het plaatselijke cultuurcentrum af. Al moet ik toegeven dat wat ik hier vanmiddag opving mij toch wat te snel ging." (lacht)

Je verhuisde toen je anderhalf jaar oud was van Marokko naar Nederland. Hoe dubbel is het woord identiteit voor jou?
Amhali: "Ik heb niet het gevoel dat ik niet weet wie ik ben. Mijn land van herkomst is voor mij mijn vakantiebestemming. Anderzijds, hoe je het ook draait of keert, mijn naam zegt al genoeg. Ik voel me niet ontheemd en toch is mijn thuis overal: ik voel me thuis als ik op Schiphol sta, als ik bij mijn moeder ben of in mijn eigen woning in Amsterdam."

Hoe reageerden je ouders toen je zei: 'Mam, paps, ik word comedian'?
Amhali: "Toen ik mijn ouders vertelde dat ik acteur wilde worden, vonden ze dat geen serieus beroep. In het begin namen ze een afwachtende houding aan, want ik haakte altijd snel af. Maar in tegenstelling tot de rest waar ik aan begon, heb ik de toneelschool wel afgemaakt. Niet zonder slag of stoot, hoor. Voor mij was acteur zijn Hollywood en actiefilms. En dan kom je terecht op de Utrechtse toneelacademie: alles wat je denkt geleerd te hebben, wordt onder je voeten vandaan geschopt. De eerste twee jaar dacht ik: waar gaat dit heen? Dan moet je op de grond gaan liggen, heen en weer rollen boven en op elkaar, leerkrachten waar tegen je gewoon Piet of Jan mag zeggen. Dat was hartstikke nieuw voor mij. Ik was autoriteit gewoon."
"Inmiddels is mijn ma supertrots als ze mij op het podium of op de televisie ziet. Behalve als ik de crimineel speel, dat vindt ze maar niks. En ook bij mijn grappen over Allah, fronst ze de wenkbrauwen. Ik wil niet persé heilige huisjes intrappen, dat doen andere cabaretiers grover en beter dan ik. Ik wil gewoon dingen bespreekbaar maken. Na elf september staat Islam gelijk aan terrorisme en heeft de vijand plots een gezicht gekregen. Ik stip die dingen aan, maar ik maak niets af. Mijn grappen kunnen zowel naar rechts als links uithalen, als door het midden gaan. Maar liefst vanuit een totaal andere hoek dan je verwacht."

Kan het publiek tegen een stootje?
Amhali: "Er is nog nooit iemand de zaal uitgelopen. Nou ja, het schijnt dat Nederlanders nogal gierig zijn dus die blijven zitten als ze ergens voor betaald hebben (lacht). Als je negatieve reacties krijgt, dan is dat omdat ze een probleem hebben met het genre. Stand-up comedy wordt gevoed met spot en zelfspot, kijk naar de Joodse of zwarte comedians. Humor is nodig om te relativeren en clichés aan te pakken."
"In het verleden heb ik elk debat waar je het woord 'multicultureel' voor tussen of na kon zetten, opgevrolijkt. Mijn bedoeling is om door die sérieux heen te breken en de dingen gewoon bij naam te noemen. Als comedian, de nar van de koning, kan je dat doen zonder dat de koning boos wordt."

Irriteert het je niet om altijd in dat hokje van de allochtoon gedrukt te worden?
Amhali: "Ik heb mij daar jaren aan geërgerd: ik werd voor televisie en film gevraagd omwille van mijn afkomst en niet om mijn kwaliteiten als acteur. Die rol werd me opgedrongen, dus dacht ik: ik maak er gebruik van, maar dan wel op mijn manier. Het is een klacht die je nu nog hoort bij veel jonge allochtone acteurs. Komen ze naar mij, vragen ze: 'Najib, hoe zit dat nou?' Dan zeg ik: 'Joch, ik heb er ook jarenlang mee gelopen. That's the world: er gaan generaties over voordat iets verandert.' In de Amerikaanse films van de jaren vijftig gingen de negers ook altijd als eerste dood en was elke Italiaan een maffioso."

De Vlaamse tournee is een compilatie van jouw shows 'Vol = Vol', 'Veni Vidi Vici' en 'Free Fight'. Je houdt wel van krachttermen.
Amhali: "Theaters vragen je altijd al een jaar op voorhand om een titel, dus schud je wat uit de mouw. 'Veni Vidi Vici' vond ik wel mooi klinken en het staat, nogal cru, ook op die pakjes Marlboro dat ik al vele jaren rook. Mijn volgende show is 'Most Wanted' (gaat in januari in première in Nederland). Het is een verwijzing naar de aanplakbiljetten waar een prijs op je hoofd wordt gezet. Maar betekent ook: we willen allemaal gewild zijn, door moeder, vriend of man. Ik zou niemand anders willen zijn, maar ik heb wel andere mensen nodig. Daarom kruip je ook op dat podium, om te zeggen: 'Hey look at me, I'm here’."

Sta je als acteur of als jezelf op scène?
Amhali: "Als comedian speel ik geen typetje tussen vier wanden. Je ziet en hoort het publiek en wat je aanvoelt, daar speel je op in. Als ik een nieuwe show voorbereid, probeer ik altijd eerst dat materiaal uit op café (binnen het Comedy Train circuit, Nederlandse tegenhanger van o.a. Comedy express, Lunatic Comedy Club e.d., LiLa). Als je niets interessants te zeggen hebt, luistert het publiek er niet. Ze hoeven zich niet aan de theaterwetten van 'zaallicht uit is zwijgen' te houden. Café-optredens zijn de beste leerschool: dronken mensen die denken dat ze grappiger dan jou, mensen die dingen gooien. Ik heb al bierblikjes naar mijn hoofd gekregen. Dan komt het erop aan hen op hun nummer te zetten. Ik ben de baas, de microfoon is mijn wapen."

Waarmee kan je zelf niet lachen?
Amhali: "Cabaretiers die het podium opkomen en zeggen (meet zich een oer-Hollands accent aan): 'Nou, vroeger was ik gehandicapt.' Dan denk ik: 'Man, jij was vroeger helemaal niet gehandicapt. I don't believe it." Het hoeft voor mij niet allemaal persoonlijk te zijn, maar ik wil er wel in kunnen geloven."

"In Nederland zijn er weinig taboes meer. De gemiddelde cabaretier zapt van incest naar godsdienst en geweld. Er zijn mensen die mij inmiddels al een verademing noemen, omdat ik niet vloek in mijn voorstelling. Het is niet dat ik te lief ben, het is gewoon niet mijn stijl. Ik vloek wel, maar alleen als ik in het verkeer zit."

Is het niet vermoeiend constant de lach te moeten opzoeken?
Amhali: "Het is heel lastig als je constant de lach verwacht, maar ik heb geleerd dat niet meer te doen. Daarin verschilt het theater van het café waar het principe 'be funny of go home' heerst. Een theateroptreden hoeft niet constant grappig te zijn, je mag ook gewoon eens iets zeggen dat je echt meent. Al blijf je natuurlijk een entertainer. Nee, ik vind dat geen vies woord, entertainen is waar ik goed in ben dus waarom zou ik het niet doen?"

Bron: De Morgen, juni 2003

Terug naar interviews